Na
Stockholm hadden we weer behoefte aan rust en ruimte, dus trokken we de
‘wildernis’ weer in. Net voor de grens met Noorwegen vonden we deze semi
wildkampeerplek.
Er mochten maximaal vijf plekken bezet worden, prachtig
gelegen aan een meer, zeer regenachtig, geen voorzieningen, alleen een
‘beerput’ toilet, zo één die je niet kunt doortrekken en dus vreselijk meurt,
maar ach, daar wen je aan, als je maar vaak genoeg naar Scandinavië gaat. Aan
het einde van de avond stonden er dus zeven caravans en campers, blijkbaar heel
moeilijk om je aan de regel houden, dachten we intense rust te hebben, maar
hadden we een ruziënd stel Nederlanders(…) naast ons, gelukkig is ‘naast’ in
dit geval op flinke afstand, maar het ging er luidruchtig aan toe met het
nodige gevloek en gesmijt, nou ja... Niet echt wat je voor ogen hebt bij
wildkamperen. Gelukkig hield het een keer op. En het uitzicht in de vroege
ochtend maakte alles weer goed.
In Zweden zijn ze fan van oldtimers, je ziet ze
overal en soms met de prachtigste retro caravans erachter, alles in dezelfde
kleuren en stijl. Een lust voor het oog, vind ik dan. Ik heb deze met permissie
van de eigenaar op de foto mogen zetten, tijdens een pauze onderweg.
We zagen
er wel erg veel, nog meer, en nog meer... Een stukje verder kwamen we erachter
dat er een oldtimer festival gaande was in het plaatsje Rättvik. Als liefhebber
keek ik mijn ogen uit, zo zeer zelfs dat ik vergat foto’s te maken, nah, da’s
echt niks voor mij. Wel jammer.
Yes, Noorwegen, dat voelt toch altijd weer
goed, als we daar binnen komen rijden. We gaan richting Utladalen, maar daar
later meer over.